vergezicht

















'Het beschouwend uitkijken naar een horizon, genieten van een vergezicht, is de act waardoor de autonomie van zowel de kijker als het bekekene, van de mens en zijn wereld, zich het meest frappant manifesteert. De Europeaan emancipeert zich als autonoom object als liefhebber van vergezichten op de wereld, en de wereld wordt als landschap autonoom object.

De gevolgen van deze ontwikkelingen zijn enorm: de wereld is het veld geworden van onuitputtelijke verklaringen als mechanisme van de kant van de natuurwetenschappen, de mens is het wezen geworden dat zichzelf wil identificeren, maar in geen enkele identificatie ooit voldoening vindt; zijn filosofie draait steeds om hemzelf heen, hij is veroordeeld om antropoloog te zijn.'

Ton Lemaire, Filosofie van het Landschap, p. 83

'Het individu is losgemaakt van traditie, gemeenschap, religie en vaste plaats. (...) 

De mythische ruimte is eindig, gesloten en op een centrum betrokken, de nieuwe ruimte is oneindig, geopend naar alle kanten en zonder duidelijk centrum.'

Idem, p.105